© Liesbeth Hermans

Natuurgeneeskunde

De betekenis van de ziekte in de natuurgeneeskunde Natuurgeneeskunde richt zich bij ziekte zoveel mogelijk op de gehele mens, op het lichamelijk (grof - stoffelijk, functioneel, humoraal/cellulair) en het energetisch, psychisch (emotioneel, mentaal en spiritueel) niveau, en behandelt niet alleen zieke organen. Zij ziet de mens in wisselwerking met zijn milieu en bezit daardoor een eigen interpretatie van symptomen, diagnostiek en therapeutische mogelijkheden. Anders geformuleerd kunnen we zeggen dat de natuurgeneeskunde de vorm van geneeskunde is die ervan uitgaat dat ziekte ontstaat door enerzijds niet te leven volgens de regels der natuur en anderzijds niet te leven naar de eigen natuur. Wanneer we niet naar onze eigen natuur leven, luisteren we niet meer naar onze eigen intuïtie en gevoelens. Toch blijven die wel aanwezig. Hierop reageert ons organisme met protest dat we kunnen waarnemen op een of meer van de eerder genoemde niveaus. Als we hier vervolgens niet naar luisteren en onze gevoelens en signalen negeren, blijven de andere niveaus over om het protest manifest te maken. Deze protesten noemen we ziektesymptomen. Als deze symptomen uiteindelijk fysieke schade opleveren, spreken we van ziekte.
Natuurgeneeskundige principes “Natuurgeneeskunde, ook naturopathie genoemd, is een autonome, traditionele, westerse geneeswijze, die door Hippocrates werd ontwikkeld in het antieke Griekenland – in de 5e eeuw voor Christus – en zijn authenticiteit en uniciteit heeft weten te behouden”. Zij steunt op uitzonderlijke basisprincipes die in geen enkele andere geneeswijze zijn terug te vinden. Het basisprincipe van de natuurgeneeskunde ligt in de uitspraak van Hippocrates: “Behandel de zieke in plaats van de ziekte.” Als wij als behandelaars alleen naar de ziektes kijken doen we alleen aan symptoombestrijding. Zo komen we nooit achter de oorzaak van de kwalen en kunnen we de situatie niet verbeteren. Zelfs indien de ziekte een erfelijke belasting is of van buitenaf komt door bijvoorbeeld een besmetting, blijft het verband tussen ziekte en zieke bestaan. Door de zieke te behandelen geneest de ziekte op een duurzame wijze, omdat ziek zijn een gevolg is van een aantal persoonlijke factoren. De weerstand kan verzwakt raken door een negatieve gemoedstoestand, angsten, emotionele aandoeningen, stress enzovoorts. Ziekte en persoonlijkheid liggen in de natuurgeneeskunde zo dicht bij elkaar, dat als men niet aan de persoonlijkheid of persoonlijke factoren werkt, het genezingsproces wordt afgeremd. Om het eenvoudig uit te leggen: van verdriet kan je ziek worden, maar van een ziekte kan je ook verdrietig zijn.
Gezondheidstherapeute Liesbeth
Gezondheidstherapeute Liesbeth
© Liesbeth Hermans

Natuurgeneeskunde

De betekenis van de ziekte in de natuurgeneeskunde Natuurgeneeskunde richt zich bij ziekte zoveel mogelijk op de gehele mens, op het lichamelijk (grof - stoffelijk, functioneel, humoraal/cellulair) en het energetisch, psychisch (emotioneel, mentaal en spiritueel) niveau, en behandelt niet alleen zieke organen. Zij ziet de mens in wisselwerking met zijn milieu en bezit daardoor een eigen interpretatie van symptomen, diagnostiek en therapeutische mogelijkheden. Anders geformuleerd kunnen we zeggen dat de natuurgeneeskunde de vorm van geneeskunde is die ervan uitgaat dat ziekte ontstaat door enerzijds niet te leven volgens de regels der natuur en anderzijds niet te leven naar de eigen natuur. Wanneer we niet naar onze eigen natuur leven, luisteren we niet meer naar onze eigen intuïtie en gevoelens. Toch blijven die wel aanwezig. Hierop reageert ons organisme met protest dat we kunnen waarnemen op een of meer van de eerder genoemde niveaus. Als we hier vervolgens niet naar luisteren en onze gevoelens en signalen negeren, blijven de andere niveaus over om het protest manifest te maken. Deze protesten noemen we ziektesymptomen. Als deze symptomen uiteindelijk fysieke schade opleveren, spreken we van ziekte.
Natuurgeneeskundige principes “Natuurgeneeskunde, ook naturopathie genoemd, is een autonome, traditionele, westerse geneeswijze, die door Hippocrates werd ontwikkeld in het antieke Griekenland – in de 5e eeuw voor Christus – en zijn authenticiteit en uniciteit heeft weten te behouden”. Zij steunt op uitzonderlijke basisprincipes die in geen enkele andere geneeswijze zijn terug te vinden. Het basisprincipe van de natuurgeneeskunde ligt in de uitspraak van Hippocrates: “Behandel de zieke in plaats van de ziekte.” Als wij als behandelaars alleen naar de ziektes kijken doen we alleen aan symptoombestrijding. Zo komen we nooit achter de oorzaak van de kwalen en kunnen we de situatie niet verbeteren. Zelfs indien de ziekte een erfelijke belasting is of van buitenaf komt door bijvoorbeeld een besmetting, blijft het verband tussen ziekte en zieke bestaan. Door de zieke te behandelen geneest de ziekte op een duurzame wijze, omdat ziek zijn een gevolg is van een aantal persoonlijke factoren. De weerstand kan verzwakt raken door een negatieve gemoedstoestand, angsten, emotionele aandoeningen, stress enzovoorts. Ziekte en persoonlijkheid liggen in de natuurgeneeskunde zo dicht bij elkaar, dat als men niet aan de persoonlijkheid of persoonlijke factoren werkt, het genezingsproces wordt afgeremd. Om het eenvoudig uit te leggen: van verdriet kan je ziek worden, maar van een ziekte kan je ook verdrietig zijn.